HrMs de Ruyter.19 - Zeeuwse-Navy-Seals

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

HrMs de Ruyter.19

WILLEM GELENS 4

Bezoek aan kinderen                                                        


Hoe deze zaken tegenwoordig geregeld zijn weet ik niet maar destijds werd het je nagenoeg onmogelijk gemaakt om de kinderen te bezoeken.
Het zootje wat bij de "raad van kinderbescherming" in Alkmaar zat had er een groot plezier in om in eerste instantie op alles NEE te zeggen. Het enige wat zij beschermden was om via allerlei muggezifterijen hun baan te beschermen. Ze waren absoluut nergens anders voor geschikt. Ze hadden zich bij de marine nooit kunnen handhaven als "paai schijthuis" .
Dit laatste is eigenlijk een belediging voor voor de laatst genoemden omdat zij wel degelijk erg nodig en dus nuttig waren.
Je kreeg het gevoel dat " het zootje" een grote hekel had aan Marine mensen waar zij toch
voor een groot deel van vraten.
Om de kinderen te bezoeken moest je een verzoek indienen om de datum en de juiste tijd
vast te leggen. Deze gegevens werden doorgespeeld aan de betreffende "moeder" die dan de vrijheid had om te beslissen of je wel of niet welkom was.
Voor alles rond was had je er geen zin meer in.
Eindelijk kreeg ik die toestemming maar ik mocht de kinderen allen bezoeken bij haar thuis.
Zodra ik dit hoorde wist ik wat er ging gebeuren en ik had gelijk. Op de vastgestelde dag ging ik er heen (het was geloof ik op een zaterdag) en dus had haar familie een vrije dag en konden met z'n allen aanwezig zijn hetgeen ook inderdaad het geval was. Ik hoorde van een oud buurman dat er een partij lui binnen zaten. Dezen zaten dus op mij te wachten.
Ik had er erg veel zin in om het spul in elkaar te trappen maar had gelukkig geen enkel biertje gedronken en hield mijn verstand er bij. Ik wist zeker dat het op moeilijkheden zou uitlopen
maar kon mij dat niet veroorloven. Zij waren burgers en ik was bij de marine en zou ten alle tijde aan het kortste eind trekken. Ik heb rechtsom keer gemaakt en de buurman bracht mij terug naar de binnenstad, waar ik wél een biertje ben gaan drinken.
Enkele dagen nadien kreeg ik een brief van de raad van kinderbescheming waarin stond dat mijn vrouw geklaagd had. Zij en haar familieleden hadden mij , vanachter de ramen , wel gesignaleerd maar ik was weg gegaan. Ik had mij dus niet aan de afspraak gehouden
Ik vroeg de vent van de raad, telefonisch, of hij wist van de aanwezigheid van de familie
waarop hij antwoorde dat een dergelijke aanwezigheid vaak nodig was omdat de vaders moeilijkheden maakten.Ik vroeg hem of ik de volgende maal de militaire politie mee mocht nemen om mij te beschermen maar dat mocht niet. Als ik iets te klagen had dan kon ik dat doen maar wel bij de raad v. kinderbescherming .
Ik heb het schijthuis gezegd dat hij naar de hel kon lopen.
Ik zou later nog meer kontakt met hem krijgen.

MIJN MOOIE UNIFORM

Ergens in deze tijd werd ik door de marine in een nieuw uniform gestoken, het uniform met de platte pet. Ik was 6 jaar kwartiermeester.
Dit was met name voor mij een grote verbetering want nu had ik weer een heel en net pak om aan mijn kont te trekken
Ook de lange duffelse jas was een vooruitgang als je de wacht had met koud weer, verder was het een onding. De platte pet (magazijn verstrekking) bedankte ik al snel. Ik sloopte de klep er af en naaide die aan een matrozen muts op deze manier had ik een pet van normale afmetingen.
Eindelijk was ik hét voorbeeld voor de Kon.Marine maar dit duurde maar een paar dagen. Na die paar dagen kon een ieder duidelijk zien dat het pak gebruikt was. De goot heeft op alle pakken, zelfs op de mooisten dezelfde uitwerking.
Dit uniform was werkelijk van groot belang voor de mensen van de dienstvakken waarvoor korporaal de hoogste rang was.
Dit uniform had voor mij nog een voordeel want ongeveer een week nadat ik het kreeg werd het beroemde “borstlapje” afgeschaft en werd vervangen door het sport witje. Waarschijnlijk is het onzin maar voor mij leek het er op dat iedereen in zijn blote kont liep. De afbraak van het uniform was begonnen. Tegenwoordig lopen militairen met mooie pastelkleurige sjaals om, hemels blauw tot roze. Ze zien er werkelijk lief uit.
Wij zouden vroeger gezegd hebben , die zijn voor flikkerij van de Doggersbank afgetrapt.

HET GELAZER BEGINT

Ik heb geen poging meer gedaan om de kinderen te bezoeken maar werd wel door verschillende mensen op de hoogte gehouden. Dit was op mijn verzoek.
Ik was ingelicht dat er zich vreemde dingen afspeelden in het huis.
Ik vroeg aan de raad van kinderbescherming of zij hier van op de hoogte waren, dat waren zij niet en ook was het niet hun zaak kreeg ik ten antwoord. Toen ik de vent vroeg of ik het recht had om de zaak uit te zoeken kreeg ik natuurlijk ten antwoord dat dat niet mocht, het waren mijn zaken niet. Toen ik vroeg wiens zaak het wel was kreeg ik het antwoord dat het aan hen was om dat uit te maken. Toen ik hem vertelde dat hij eens een keer zijn werk moest doen en niet de hele dag met z'n pik spelen kreeg ik geen antwoord meer.
Op een avond zat ik met een paar maten in het verblijf toen ik aan de valreep geroepen werd, er was telefoon. Het was een van de buren die mij vertelde dat het weer een pokkezooi was in het huis. Het was een uur of 10 en ik besloot er heen te gaan. Een van mijn maten had een auto en bood aan mij er heen te brengen wat ik natuurlijk graag aan nam want nieuw den Helder was niet bepaald naast de deur en bovendien had ik dan , als het nodig was, een betere kans om te ontsnappen aan ik weet niet wat.
Ik vroeg m'n maat om een eind bij het huis vandaan te parkeren en in de auto op mij te wachten. Ik wilde niet dat hij als medeplichtige in de moeilijkheden zou komen.
Uit het huis kwam inderdaad een hoop lawaai . Toen ik belde werd er niet open gedaan, misschien werd de bel niet gehoord vanwege het lawaai dus bonsde ik op de deur, zo hard dat men het wel moest horen. Het werd stil maar ik hoorde nog wel praten. Na nog een paar maal gebeld en gebonsd te hebben trapte ik de deur in en ging naar binnen. Binnen zaten alleen mijn ex en twee vriendinnen. Ik had mannenstemmen gehoord, daarvan was ik overtuigd maar dezen waren spoorloos. Later hoorde ik van een van de vriendinnen dat er drie kerels waren geweest die toen ik aan de voordeur stond te huisvlijten door de achterdeur vertrokken. Door een van de ramen had mijn ex gezien dat ik het was.
Natuurlijk heb ik geen van de dames aangeraakt maar heb wel gewaarschuwd dat het een volgende maal anders zou aflopen.
Ik wist dat ik zwaar in de fout was gegaan maar dat interesseerde mij op dat moment absoluut niet. Ik zou wel zien waar het schip strandde. Dit zag ik dus ook.
Een dag of twee later stond ik aan de valreep als onder officier van de wacht . Ik had de voormiddag wacht toeb de onder off. van politie de majoor van de mariniers bij mij kwam. Hij zei, wat heb je nou verdomme weer uitgevreten en ik wist even niet wat hij bedoelde maar dat maakte hij mij snel duidelijk, je hebt huisvredebreuk gepleegd. Ik ben opgebeld door mijn maat bij de marechausse. Deze maat was adjudant o.i.d. bij die club en de baas van dat hele spul in den Helder. Hij had een klacht ontvangen van mijn ex met als getuigen haar vriendinnen en er was rapport over opgemaakt, dat kon niet anders. Ik gaf het meteen toe want er was geen mogelijkheid om er aan te ontsnappen hetgeen ik ook niet wilde want ik vond dat ik gedaan had wat ik moest doen.
De o.o.van politie zei, ik ga maar weer eens kijken of ik je kloten kan klaren waarop hij op zijn fiets de wal op ging.
Mijn wacht was al voorbij toen hij terug aan boord kwam en mij bij zich riep in zijn hut. In de hut rook het naar de jenever. Hij haalde uit zijn zak een stuk papier en zei, hier heb ik het rapport over de huisvredebreuk en scheurde het in stukken en met de woorden , ook namens mijn maat bij de marechaussee is nu dit rapport geseponeerd , is nooit een rapport geweest
Ook dit soort dingen kwamen voor bij de marine. Je kon veel en soms heel veel streken uithalen en zolang je eerlijk bleef en niet probeerde iemand anders een oor aan te naaien kreeg je vaak hulp zonder er om te vragen, van de meest onverwachte kanten
Ik heb de barkeeper van de onder officieren gevraagd de majoor een fles jenever te geven zonder te zeggen waar deze vandaan kwam. Hij wist het toch wel en zei later, bedankt, was best lekker.
Ik had voor de zoveelste maal geluk gehad maar begon mij af te vragen wanneer en hoe dit zou eindigen.

MIJN OVERPLAATSING

 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu