Marine 1952 - Zeeuwse-Navy-Seals

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Marine 1952

WILLEM GELENS 1

Groningen

Ik begon met mijn 15e al te zeuren dat ik naar zee wilde, naar de kustvaart. Als Groninger ging je naar de kustvaart.
Mijn vader was accoord maar met mijn moeder ging het niet zó gemakkelijk. Toch kregen we haar uiteindelijk zover en ik ging met mijn vader naar een opleidingsschip / internaat.
Deze lag in Delfzijl  Na de ontvangst werden we rongeleid en er werd uitgelegd waar de cursus uit bestond hetgeen niet weinig was
Het zag er allemaal goed uit en ik had er zin in. Toen kwam het kostenplaatje en dat bleek voor mijn ouders téveel. Het ging niet door
Ook bestond de marine nog en ik  besloot toen voor mijzelf om daar naar toe te gaan. Pa was het er weer mee eens maar Moe kwam nu met zwaarder geschut. De oudere broer van mijn vader was
(Oom Piet) was ook bij de Marine geweest en ik geloof toen al gepensioneerd
Hij was volgens mijn moeder een héél slecht mens. Dronk veel , vocht veel ( had inderdaad een paar grote littekens , messenwerk op zijn gezicht) en had nog maar een heel klein "piemeltje" zoals zij het uitdrukte. Ze gaf de maat van dat piemeltje aan met haar pink en daar was het de helft van
Dit kwam van de slechte vrouwen. Kortom, oom Piet was dus een gezellig mens en leefde
Eindelijk na vele maanden kregen we haar zover dat ik voor de keuring mocht, misschien hoopte zij dat ik afgekeurd zou worden!
De formulieren werden ingevuld en ik kreeg een oproep voor de keuring. Deze was in het Engelse
kamp, toen een landmachtkazerne.
Werd goedgekeurd en zou stoker worden maar dat ging niet door want er was op dat moment gebrek aan matrozen, dus werd ik matroos met de aanzegging dat ik admiraal zou worden
Leerde tevens mijn eerster marine uitdrukking, als je bij de marine kwam had je geen tanden maar een kerkhof in je "bek". Dit zei de tandarts en die geloofde je want hij had een mooi uniform aan
                                                    
 De E.M.V.

Na een tijdje kwam de oproep + vrijvervoer naar Hollandsche Rading. Daar werden we op trucks geladen en naar de MOK.H vervoerd om omgebouwd te worden tot marine mensen
De eerste les waren dat álle burgers stomme dieren waren een wij dus zo snel mogelijk die veestapel moesten vergeten
We gingen onze plunjezak - kooi en de daarbij behorende inhoud ophalen. Mijn marnr. was
09444,
Dit moesten we er dus allemaal innaaien met de Kettingsteek . In je krijgstucht boekje moest het met pen en in je zakkammetje en tandborstel moest je het inkrassen
Al tijdens dit werk moest je artikel één uit de wet op de krijgstucht leren
Dit artikel moest je uit je hoofd leren want het was van zéér groot belang voor je verdere loopbaan bij de marine, en toch ook wel voor je hele verdere leven.
Er stond o.a. in dat de koningin begeerde
Verder werd ons nog duidelijk gemaakt dat we in geval van desertie hoogstwaarschijnlijk doodgeschoten werden. De vrede met Duitsland was nog niet getekend (is dal nu wel zó)?
Na een paar dagen werd het echt, je mocht je mooie serge uniform aantrekken. Het leek of je de hele dag stijf onder de vlooien zat, zo prikte en jeukte dat zo'tje. De pendekken en singlets waren zodaning ontworpen dat je in slechte tijden met de hele bak er inpastte. De zwembroeken ware ontworpen doot en voor flikkers , je liep in je blote reet
Nadat we hadden leren lopen en lawaai maken met geweren Waren we er klaar voor de .......

Matrozenopleiding

Deze opleiding was in Vissingen a/b. van de v.Heemskerck
Naast de Heemskerck lag ,geloof ik , de Floris. Allebei ouwe jongens máár het waren schepen
en ik zar erop.
Destijds waren de schepen benedendeks geschilderd in de kleuren bruin onder , creme boven
Deed een stuk prettiger aan dan het grijs waar ze later op over stapten
We sliepen in onze kooien. Dat was wél lekker warm maar je trok er krom in
Het ding moest model gesjord worden, twee kopslagen en vier tussenslagen. Dit was een zaak van levensbehoud want volgens overleveringen kon je dan, wanneer het schip verging 24 uur op het ding drijven. Het voor ons meer belangrijke , als je de kooi niet goed sjorde en je werd overgeplaatst dan liep je de straat aan te vegen met de dekens die er aan alle kanten uitpuilden.
Onze baksmeester was Bart de Ridder (niet verwarren met Kees) en de vice baksmeester was marnr 1 Schuiten.
Even tussendoor, de KWMR. had krijgsgevangenschap bij de Jappen overleefd maar kon daarna niet naar huis, nee moest eerst nog 2 jaar naar Nw, Guinea
Eindelijk thuisgekomen in Vlissingen was zijn vrouw hertrouwd want hij was opgegeven als overleden.Wat een mens al niet mee kan maken.
De opleiding was pittig en daar hielp ook het weer aan mee. Het was  1952 / 53 en het vroor
De lessen bestonden veel uit splitsen en knopen, touwwerk en staaldraad en dit moest perfect zijn
Deze lessen werden altijd op de bak gegeven, dus koud.
Om kort te gaan, het was een échte matrozen opleiding
We kregen les signaal seinen en vlagge signalen. Deze lessen werden gegeven door een sergt. seiner, Het eerste wat we wisten was hoe we "lul" moesten seinen(weet het nog)
Ook een van de meest belangrijke onderdelen, het B-2 roeien. Het gebeurde dat we van Vlissingen naar Souburg en terug moesten roeien. Het was stervens koud maar we mochten geen handschoenen aan. Uiteindelijk waren we geen stomme burgers en ook geen flikkers
De leiding bij dit roeien was vaak in handen van kwmr. Jan de Nooier. Hij was de schrik van de opleiding.Later heb ik hem heel anders leren kennen
Zaterdagsmorgens was het Psalmen zingen. Met een grote steen en zand moesten we dan het halfdek hagelwit schuren. Onderwijl spoot de kwmr. je zeiknat
Een van de eerste malen dat ik de wal opging moest ik bij de o.off.v/d wacht komen. Hij had mijn naam gelezen op de stationskaart en vroeg ,ben jij familie van Piet Gelens en ik moest natuurlijk met ja antwoorde. De volgende vraag was. speel jij ook accordeon,Ook ja. Hij zegt dan zal ik nu maar vast de MP. waarschuwen dat ze jou later op moeten halen want dat moesten ze met je oom
ook altijd Die kwam nooit uit eigener beweging terug
Ben nog een paar jaar door oom Piet achtervolgd tot al zijn maten gepensioneerd of dood waren
Oom Piet veranderde vaker van rang als ik van een schoon pendek Het korporaal zijn en de volgende dag weer 1e klas was voor hem een normale gang van zaken Is gepensioneerd  als korporaal kok.
Op een zondagmorgen, ik was met weekend, kwam het bericht door de radio dat er een dijkdoorbraak was geweest bij Vlissingen met de daarbij horende zware overstromingen.
De in Vlissingen geplaatste marine mensen moesten direct naar boord terug. Na een hele lange reis kwamen we daaraan vanwaar we meteen op transport gingen naar Ossendrecht, naar een kamp van de landmacht. Dit was nog in aanbouw. Daar moesten we strozakken vullen. We dachten eindelijk kunnen we plat maar niks. Zij waren bestemd voor de vluchtelingen uit de overstroomde gebieden. Wij waren nog lang niet aan de beurt. Op dat moment kregen we toch een beetje hekel aan de vluchtelingen
Onze taak werd om aan deze mensen eten uit te reiken hetgeen we met gulle hand deden. De chocola die alleen voor de kinderen bestemd was deelden we uit aan iedereen ook al omdat we wisten dat wanneer het op was er weer nieuw kwam
Na een tijdje gingen we terug naar Vlissingen
Dank in welke vorm dan ook kwam er niet uit de burgerij. Wel waren onze uniformen naar de kloten
De tijd van de examens brak aan Een van
de dingen die ik moest doen was het splitsen van een oog in een staaldraad Deze splitsen moesten vloeiend aflopen dat hield in dat je steeds een paar strengen moest afdraaien en wel zodanig dat er geen vleeshaken uitstaken
Kwam met mijn splits bij de vakofficier die hem beoordeelde. Hij keek me aan en vroeg of de splits goed was. Een vraag waarop je eigenlijk geen antwoord had maar je moest natuurlijk JA zeggen. Dan keek hij je aan en streek met zijn blote hand over de splits, tegen de draad in
Als er dus een vleeshaak uitgestoken had , had ie zijn hand totaal opengehaald. Geluukig kwam er geen druppel bloed uit
v.w.b. Het seinen ,we hoefden niet veel meer te weten als het seinen van "lul" en de kleuren van de Nederlandse vlag
We kwamen er allemaal goed vanaf en nu waren we matroos 3 e klas
Even dit nog. Onze baksmeester haalde nog  een  maal een oude traditie te voorschijn
Een van de jongens was jarig en kreeg voor ieder jaar een klap voor z'n kont met een baksplankje
Weet niet of het tot dan toe traditie was geweest maar heb het nooit meer zien gebeuren.
We werden met zijn allen overgeplaatst naar .......

Fort Erfprins

We moesten de brevet opleiding in voor Vuko, vuurleiding konstabel.
Ik had intussen gehoord en gelezen over de duikersopleiding en dat leek mij veel beter
Fort Erfprins was een klote kamp. Had er meteen een hekel aan en dat is altijd zo gebleven
Ben er noodgedwongen een paar maal terug geweest. De cel in.
Dick de Lange, die ook geen Vuko wilde worden en ik lagen met opzet dwars om op de e.o.a. manier uit die opleiding te komen
Onze baksmeester was kpl. Vuko Zwabberdissen. Dit was een liederlijk figuur met een gezicht dat er altijd ongewassen uit zag hetgeen waarschijnlijk ook het geval was
Wij waren allemaal in de leeftijd van 16 /17 jaar maar deze viespeuk besteedde veel tijd
aan het
vertellen over het onstaan van "kutscheten" het geluid wat erbij hoorde (Dit geluid deed hij na)
Als je bij dat soort grappen niet krom lag van de pret deugde je niet. Dick en ik lagen heel duidelijk niet krom Het was walchelijk
Op een dag werd ons door een schrijver verteld dat wij op de P-beschikking stonden om uitgezonden te worden naar Amerika. Wij geloofden er geen barst van maar het was wáár
We werden overgeplaatst naar de mijnendienst

 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu