New-Orleans - Zeeuwse-Navy-Seals

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

New-Orleans

WILLEM GELENS 1

                                                                                                      01 - 2  ( 1953)

Klein woordje vooraf . Klein maar wel belangrijk voor de rest van mijn verhaaltjes
Het zou kunnen lijken dat ik iets heb tegen officieren in het algemeen maar het tegendeel is waar, er zaten héél goeie en eerlijke mensen, onder het merendeel
Ditzelfde geldt voor o.officieren vanaf de rang van kpl. of kwmr.
Zij allen hebben een bepaalde machtspositie en dat hoort ook zo te zijn.
Je kunt er niet zonder, op geen enkel schip niet bij de marine niet bij de koopvaardij.
Als echter deze macht misbruikt word dan is het nooit goed en als de hogere officieren zo zijn wordt het slecht
Een commandant die zo is kan een schip tot een hel maken.
Het zijn deze officieren en o.officieren waar ik tegen in ga.

Hr.Ms.Bolsward  en New Orleans

Op de mijnendienst maakten we beetje bij beetje kennis met de rest van de bemanning. o.a. Ik was niet in staat om mijzelf een oordeel te vormen over de rest en zeker niet over de commandant, v.d. Singel Was de eerste maal dat ik een commandant kreeg op een schip.We kwamen er ,nog op de mijnen dienst kazerne, al achter dat het een rot vent was, een machtswellusteling
De eerste officier was zeker niet slecht maar kon geen kant op
De chef der equipage was bootsman Flens .Deze man voorde alles letterlijk uit zoals de commandant het wilde, hoe slecht het ook was.Dus een meeloper uit liefhebberij
De kwartiermeester was daar weer een verlengstuk van maar bovendien een
walgelijk stuk verdriet
Hier moesten wij van het dek het mee doen en het stond al meteen vast, het zou niet prettig worden Je moest altijd op je tellen passen
Op de mijnendienst kregen we zo af en toe theoretische lezen in het veegtuig en het mijnenvegen. Er werd ons door de commandant meteen aangezegd dat hij nooit het woord "de bootjes" wilde horen voor de naam mijnenveger. Hij was dus ook een mierenneuker
Toen vertrokken we naar Amerika in een 4 motorig propeller vliegtuig van de
SAS. De eerste maal voor velen van ons dat we vlogen. Was een hele ervaring maar werd al gauw erg vervelend en onze kwmr. was doodsbenauwd. We vlogen samen met de bemanning van een Oceaan Mine Sweeper, ik geloof de onversaagd..De chef der eqp. was schipper Wolf
Dit was een man van de onderzeedienst In de oorlog een paar maal getorpedeerd en op zijn laatste reis de boot onder zijn kont vandaan geschoten. Dit gebeurde in de Java zee. Hij begon te zwemmen met 7 á 8 medelotgenoten maar toen hij na 2 dagen zwemmen aan land kwam waren
al zijn maten door de haaien opgevreten. Dit moet wel iets vreselijks geweest zijn. Is daarna door de Jappen gevangen genomen.
Voor de geïnteresseerden, hij heeft er een boek over geschreven
We vlogen via Anchorage naar New Foundland. Daar zag ik voor het eerst in mijn leven een schoepoets machine
Vandaar naar ,ik geloof New York naar New Orleans, onze eindbestemming
we werden ingedeeld bij de US Navy en onze taak bestond veelal uit het schoonmaken van onze barrak. Mijn maat Dick de Lange en ik moesten helpen in het cafetaria en de kombuis. Buiten de pokken klusjes hadden we toch een goed leven
We zagen voedsel waarvan we in Nederland het bestaan niet eens kenden
Binnen korte tijd waren we allemaal kilo's aangekomen. Je mocht eten wat je  wilde en zoveel je wilde máár wat je op je plate schepte moest je opeten.
Een hele goeie regel dus en er was geen pardon
Na een tijdje kwam ons schip ,de AMS 109 binnen (AMS staat voor American Mine Sweeper) Later werd de naam omgedoopt tot Bolsward
Toen we eenmaal aan boord waren begon voor velen van ons de ellende.
De machtswellustelingen hadden aan de wal geen kans gehad om zich te ontplooien en dit werd nu dubbel en dwars ingehaald
Om een voorbeeld te geven. In de PX Stores op de basis kon je nagenoeg alles kopen maar natuurlijk geen petkapjes. De twee die we hadden moesten dus constant gewassen worden en waren daardoor altijd nat.
Je ontkwam er niet aan dat je wel eens een nat petkapje had bij de e.o.a. inspectie. 3 á 4 dagen licht arrest,was het gevolg.
Het bloedzuigen werd steeds erger
Op een zondag ,ik was gestraft, moest ik naar de kerk. Dit gebeurde onder
leiding van de matrozen eerste klas Jackie Stins en Leo MIlhees. Twee fijne lui maar niet direct geschikt voor deze taak. We kwamen dus ook niet in de kerk maar gingen de wal op, naar de e.o.a. vette kroeg. Ik kneep hem als een dief ,als gestrafte de wal op maar er werd mij verzekerd dat ik me geen zorgen hoefde te maken. Zij waren eerste klas en ik ,nog steeds derde en zij hadden mij opdracht gegeven om met hen de wal op te gaan
We hadden een tijdje in de kroeg gezeten toen Jackie zijn show ging opvoeren, voor iedere pot bier die wij gratis kregen vrat hij een stuk glas op
Verschillende klanten trapten erin. voor Jackie was het normaal dat hij glas at
en wij waren er al een tijdje aan gewend
Toen de klanten hier genoeg van kregen moest er dus iets anders bedacht worden. Jack pakte een glasscherf en vroeg ,en wat krijgen we als ik mijn arm open snij, nog meer bier.
Het was waarschijnlijk een beetje té diep want het bloed drupte niet maar stroomde uit de wond
Een van de aanwezige dames ging van haar stokje en werd op een bank gelegd. Jack had ook het brevet hulpziekenverpleger en vond zichzelf de aangewezen persoon om deze tante weer bij haar positieven te brengen
Hij en ook zij zaten intussen onder het bloed
Het lukte hem inderdaad om haar weer bij te brengen door haar een paar lellen in haar gezicht te geven. Ze deed haar ogen open maar toen ze Jack zag ging ze onmiddellijk weer om zeep
Toen zijn we maar gevlucht en daar nooit meer terug gekomen
Een van mijn maten, Willem Voghtsmid en ik gingen geregeld New Orleans in en ontdekten daar al gauw dat de beste dixieland muziek en Blues
In de "zwarte" wijk werd gespeeld. Het was voor de zwarten in die tijd nog erg slecht in Amerika maar vooral daar in het zuiden. Niet in cafés voor blanken, achterin de autobus en links op de ferry die de Mississippi overstak en nog veel meer van dat soort liederlijkheden
Willem en ik werden dan ook behoorlijk vijandig ontvangen. Na verloop van een paar dagen zagen zij dat wij niet waren zoals de Amerikaanse blanken
en ook dat we van hun muziek hielden. We waren geaccepteerd en hebben er van genoten
Na deze tijd reisden Willem en ik links op de ferry en achterin de autobus.
Om die reden ben ik eens door de politie uit de bus gezet
Na een tijd namen we het schip officieel over Dit gebeurde op dezelfde basis
de Algiers Naval Base
Er waren een hoop toeschouwers ook al omdat wij de eerste Nederlandse marine mensen waren die na de oorlog in New Orléans waren.
Na enkele opwerk periodes en het overnemen van de inventaris gingen we richting
Charleston
Dit ging via Cuba(Quantanamo) waar de Amerikaanse marine basis was
We mochten de wal op maar niet de basis af. Er was absoluut niets aan.
Vervolgens via Tampa en Key West (Florida) naar Charleston in South Carolina
Hier was de discriminatie eventueel nog erger als in New Orléans. Het was wél een gezellige stad zoals de meeste steden in het zuiden als je de discriminatie een beetje van je af kon zetten
(Ik zeg in de meeste steden in het zuiden. Ben na mijn marine tijd nog veel en lagere tijden in Amerika geweest en daarvan de meeste tijd in de zuidelijke staten)
We hadden al gauw ons stamcafe gevonden. Was er echt gezellig en die gezelligheid moest natuurlijk betaald worden
De prijzen waren niet hoog maar dat waren onze salarissen ook niet. We hadden 61 $ per maand, hetzelfde wat we in Nederland in guldens hadden
Iemand had gehoord dat je als bloed donor 5$ per keer dat je bloed gaf kreeg.
We gingen er met een groep naar toe en het was waar, we kregen de 5$.
Het ging goed tot ze onze gezichten herkenden en toen was het afgelopen
We kregen een kaart waarop de datum wanneer we voor het laatst bloed hadden gegeven  Onze bijverdiensten daalden dus sterk
We hadden al eens zo'n ouderwets kanon zien staan in een tuin vlakbij ons café en op een nacht besloten we dat ding mee te nemen. De Oerlikon die we aan boord hadden deugde niet , vonden wij , en bovendien maakte dat kreng véél te veel lawaai
Het regende dat het goot maar we gingen toch aan het werk in ons lang wit
Het ding was ver in de blubber gezakt en door ons gedonderjaag zakte het steeds verder. Om te tillen was het te zwaar . Na 5 minuten zaten we onder de blubber maar eindelijk hadden we het kanon ,met onderstel , op straat
staan. Daar konden we het rollen maar ook dat viel tegen en we waren al van plan om het te laten staan toen er plotseling een wagen naast ons stopte, met zwaailichten Foute boel dus. De politie agenten stapten uit en hadden het grootste plezier. Ze hadden ons geëtter van begin aan gezien. Zoveel te meer wij in de blubber vielen zoveel te mooier zij het vonden
We moesten het ding weer terug brengen en op dezelfde plaats in de tuin zetten
Wel waren ze zo sportief om ons, smerig als we waren, in hun wagen terug te brengen naar de basis
Daar lichten zij de Amerikaanse o.off. v.d wacht in en ze besloten dat er geen verdere acties werden ondernomen. We hadden genoeg geleden.
Misschien kenden ze onze commandant !!
Van Charleston gingen we op weg naar
Norfolk in West Virginia
Iedereen die hier geweest is moet het met mij eens zijn Norfolk is een klote stad. Net zoiets als den Helder maar véél groter
Bij het binnenlopen voeren we langs het slagschip de "Missouri" en toen beseften we pas hoe nietig een mijnen veger is en hoe kwetsbaar en dat wij er nog een heel eind mee moesten
Op een dag liep de "deRuyter " binnen en wij gingen natuurlijk oplopen Zwareshag kopen maar ook voor ons levens behoud petkapjes te kopen ons werd bij aan boord komen ook aangezegd dat we nieuwe petlintjes moesten kopen . Die wij hadden ,met drukletters waren vervangen door lintjes met Gotische letters We begonnen dus vlot alweer dingen van de mof over te nemen. Het volkslied was al grotendeels aan hen gewijd en nu ook de petlintjes
Deze verandering was doorgekomen toen wij in Amerika zaten zoals ook de benaming van machinist. Stokers waren er van nu af niet meer. Dit waren
strategisch gezien natuurlijk belangrijke veranderingen. Wie weet konden we de oorlog toch nog winnen.
Nog een prettig maar erg raar  ding overkwam mij in Norfolk
Op een zondagmorgen gingen matr. Bosman en ik samen de wal op om vlak buiten de poort van de naval base een glaasje bier te drinken
Toen we weer buiten op straat liepen stopte er een wagen naast ons met aan het stuur een echt leuke meid. Ze vroeg ons of we de stad ingingen.
Dit was helemaal niet onze bedoeling geweest maar was het toen wel
Kon het zo organiseren dat Bosman achterin en ik voorin kwam te zitten.
Achterin stond een grote doos op de vloer en Bosman tilde met de punt van zijn schoen het deksel op. Zij zag het en zei dat hetgeen erin zat haar werkkleding was. Je moest een paar maal kijken voor je iets zag. Ze was striptease danseres. De eerste maal dat ik zoiets van dichtbij zag en aan kon raken. Daar had ze niets op tegen. Ook niet toen ik nieuwsgieriger werd
Bosman zei niet veel en gelukkig kwam zij op het idee om hem te vragen of hij terug naar boord wilde Hij was zo sportief om ja te zeggen. Zoals hij me later vertelde hij zag in dat het voor hem ,deze keer een verloren zaak was
Ze vroeg mij of we naar haar huis gingen haar man was niet thuis dus gingen we. Na even begon ze haar vak uit te oefenen. Het was geweldig met alles wat erna kwam. Was voor mij geloof ik de eerste maal , zeker in Amerika
Op een dag vroeg ze of ik mee ging haar man bezoeken. Ik dacht dat ze hartstikke gek geworden was. Wat bleek, haar man zat in de gevangenis
Ze zei, hij zal het leuk vinden als je mee komt om hem te bezoeken. Ik vond het nog steeds erg raar en nog keiharder om het te doen maar ben toch mee gegaan, hierbij natuurlijk aan de nabije toekomst denkend. Ik werd inderdaad heel goed door hem ontvangen en moest weer eens terugkomen
IK heb het geloof ik nooit gekker meegemaakt
Wel had ik de smaak te pakken gekregen. en aangezien ik nog steeds het plan had admiraal te worden heb ik zo goed mogelijk mijn best gedaan
Dit is zo doorgegaan tot we uit Nortolk vertrokken (Ik vond het toen een heel fijne stad), We gingen richting Nederland
Thuisreis

Het was een reis van 3 weken
Bij de Azoren kregen we een zware storm op ons nek ( de eerste off. vertelde mij een paar jaar daarna dat we kracht 12 hadden gehad
We hebben 3 dagen liggen steken en dat beetje wat we vooruit kwamen was
de verkeerde kant op
Ik was een van de weinige gelukkigen die geen last had van zeeziekte maar dat hield we in dat we min of meer constant aan het roer stonden en probeerden iets te eten in elkaar te draaien hetgeen meestal neer kwam op gebakken eieren met spek Dit viel niet zo best dus moesten ze droog brood eten
Na een paar dagen kwamen we een Nederlands passagiersschip tegen waarvan de dekken volstonden met nieuwsgierigen. Moet natuurlijk een mooi gezicht geweest zijn zo'n klomp waarvan je tijden niets zag en dan even het topje van de mast
Het bleek dat wij 80 mijl uit de koers lagen
Na een paar dagen liepen we den Helder aan en na een nacht op de gele boei te hebben gelegen mochten we binnen lopen
Het zat er op, voor nu.




























































































































































































































 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu